Lenen aan uw vennootschap


2019-07-01

Een veel voorkomende vraag is hoe men fiscaal vriendelijk (lees voordelig) geld uit de vennootschap kan halen. Een van de technieken is geld aan uw vennootschap lenen en hiervoor privé de intrest opstrijken. De intrest die uw vennootschap aan u uitkeert, is voor haar fiscaal aftrekbaar en voor u belastingvrij aangezien uw vennootschap als schuldenaar roerende voorheffing van 30 procent dient in te houden. De kip met de gouden eieren? Neen, dat nu ook weer niet want de fiscus stelt zijn grenzen. De eerste grens betreft het uit te lenen bedrag. Dit mag niet meer bedragen dan de som van de belaste reserves aan het begin van het boekjaar en het gestorte kapitaal aan het einde van het boekjaar. De tweede grens betreft het gevraagde intrestpercentage. Dit dient immers marktconform te zijn. Maar wat is nu marktconform? Volgens rulings mag er tot 4,09 procent worden gevraagd. Na inhouding van de roerende voorheffing, heeft u dus een netto intrestvoet van 2,86 procent, beter dan bij de bank dus! Indien één van voornoemde grenzen zou worden overschreden, wordt de intrest geherkwalificeerd in dividend en dat is voor uw vennootschap dan weer niet langer aftrekbaar. Blijft u binnen de grenzen, dan heeft u een mooie belegging gedaan. Maar er schuilt nog een derde addertje onder het gras. Als u namelijk dit geld leent terwijl uw vennootschap eigenlijk geen financieringsmiddelen nodig heeft, kan uw controleur stellen dat u gewoon hebt belegd ten nadele van uw vennootschap. Zorg er dus voor dat wanneer u geld leent aan uw vennootschap deze effectief het geld zal gaan gebruiken (investeringen, afbouwen van andere schulden, etc).

Roerende voorheffing op dividenden recupereren


2019-06-05

Indien u dividenden heeft ontvangen, werd daarop roerende voorheffing van doorgaans 30 procent ingehouden aan de bron. Deze roerende voorheffing werkt bevrijdend en dus dient u de ontvangen dividenden niet meer aan te geven in uw aangifte personenbelasting. Maar u mag wel iets aangeven! Het is namelijk zo dat de fiscus een vrijstelling voorziet van roerende voorheffing op maximaal 640 euro aan ontvangen dividenden. Aangezien er normaal steeds roerende voorheffing wordt ingehouden bij de uitkering, heeft u dus eigenlijk te weinig dividend gekregen. Dat lossen we op door het ingehouden stuk via uw aangifte personenbelasting terug te vragen. Dit is ook van toepassing op dividenden die u zou verkrijgen uit uw eigen vennootschap. Hierop kan ook de vrijstelling worden toegepast!

Loonbeleid wint aan belang


2019-05-25

In een van onze vorige posts hadden we het al gehad over het feit dat kosten moeten worden gemaakt om inkomsten te verwerven of te behouden. Dit principe past de fiscus ook toe op de bezoldigingen van de bedrijfsleiders. Niet enkel op de bruto periodieke bezoldigingen maar ook op de voordelen in natura. Uiteraard zal een bedrijfsleider een inkomen ontvangen voor zijn of haar geleverde prestaties, want zonder diens prestaties zal er geen omzet worden gerealiseerd. Maar is het bijvoorbeeld noodzakelijk dat de bedrijfsleider een appartement aan de kust ter beschikking krijgt en hiervoor wordt belast op een voordeel in natura? Is dit nodig en nuttig voor de beroepswerkzaamheid? Is het nodig dat de bedrijfsleider de beschikking heeft over een dure Porsche en een monovolume vanuit zijn vennootschap? In de regel heeft de fiscus geen recht om een opportuniteitsvraag te stellen. Met andere woorden heeft de fiscus niet het recht om u te vragen of die dure auto nu noodzakelijk is en of u niet even goed met een kleinere, goedkopere auto had kunnen rijden. Wel kan de fiscus de noodzaak van meerdere voertuigen in twijfel trekken in relatie met de algemene regel dat de kosten inkomsten moeten genereren. Als verweer naar de fiscus toe wordt het almaar belangrijker om het loonbeleid van de vennootschap op papier te zetten en door de algemene vergadering jaar na jaar te laten goedkeuren. U kan in het loonbeleid gaan vermelden dat de zaakvoerder of bedrijfsleider wordt vergoed door middel van een periodiek loon, aangevuld met voordeel voor gratis woonst, voordeel voor gebruik van de wagen,... Als de fiscus het loonbeleid op papier ziet staan, wil dit zeggen dat de bewijslast om die kosten te gaan verwerpen weer bij hen ligt en niet langer bij u. Een belangrijke nuance dus wanneer het tot een controle zou komen! Vragen over loonbeleid of voordelen in natura? U kan terecht bij ons kantoor met al uw vragen.

Kosten van sponsoring aftrekbaar?


2019-04-08

De algemene regel omtrent kosten zegt dat deze slechts aftrekbaar zijn indien ze zorgen voor het verwerven of behouden van inkomsten. De vraag stelt zich of kosten van sponsoring dan aftrekbaar zijn aangezien moeilijk kan worden aangetoond dat zij inkomsten genereren. Hoe bewijst u immers dat die boarding langs het veld een nieuwe klant heeft opgeleverd? De fiscus zal in eerste instantie die kosten proberen te verwerpen omdat het dus moeilijk bewijsbaar is dat ze omzet of inkomsten genereren. Maar de rechtbank heeft de fiscus hierop teruggefloten. Het is volgens de rechtbank immers voldoende dat de gemaakte kosten bijdragen tot de naamsbekendheid en het positieve imago van een bedrijf. Ze zorgen er immers indirect voor dat via de naamsbekendheid en het positieve imago inkomsten worden gegenereerd. Wel van belang is dat u van de sponsoring een factuur kan voorleggen. Verder raden we aan om in geval van boarding, vermelding op shirts, enzovoort, een foto te maken ter staving van de sponsoring. Hoe meer elementen ter bewijs kunnen worden aangevoerd hoe sterker u staat tegenover de controleur.

UBO register deadline 30 september 2019


2019-02-25

De Belgische staat heeft de verplichting ingevoerd om in een centraal register de uiteindelijke begunstigden van een onderneming, vzw en stichting te identificeren. Misschien bent u dit eerder ook al eens tegengekomen in uw relatie met uw huisbankier. De banken en ook wij als accountants, zijn immers verplicht om dit voor hun klanten sowieso in orde te maken, intern. Nu is er echter ook een centraal digitaal register in het leven geroepen door de overheid. In principe is het bestuursorgaan van de vennootschap, vzw of stichting verantwoordelijk voor de invulling van dit centraal register. Met andere woorden de zaakvoerders of bestuurders. Er kan echter voor worden gekozen om een volmacht te geven aan de accountant of boekhouder om dit in orde te laten maken. Ons kantoor zorgt uiteraard, mits volmacht, voor de correcte en tijdige invulling van het register. De deadline voor het voldoen aan deze verplichting is bepaald op 30 september 2019.

Degressief afschrijven nu het nog kan!


2019-02-10

Degressief afschrijven dus dubbel zo snel als lineair, is zeer voordeliger in de eerste jaren van uw investering. Dat weet de fiscus ook uiteraard. Vanaf 2020 is degressief afschrijven daarom niet langer toegestaan. Als u dus nog investeringen plant, kan het een goed idee zijn om deze nog in 2019 te doen en degressief af te schrijven. In veel gevallen is het een verschuiving van kosten waar, over de periode van de investering, de belastingdruk op hetzelfde neerkomt, maar er zijn wel een aantal gevallen waarin u toch wat heeft aan die degressieve afschrijvingen. Stel dat u met lineaire afschrijvingen een winst heeft van meer dan 100.000 euro maar door degressieve afschrijvingen onder de 100.000 euro zakt, dan wordt uw hele winst belast aan 20% en spaart u 9% uit op de winst boven 100.000 euro. Of stel dat u niet voldoende bedrijfsleidersbezoldiging heeft opgenomen om aan het verlaagd tarief te geraken van 20% en u bovendien nog de sanctie van 5% aan uw broek krijgt. Maar door degressief af te schrijven brengt u uw winst naar beneden en heeft u even veel bezoldiging als de belastbare winst opgenomen. Dan krijgt u het tarief van 20% en valt de sanctie van 5% weg. Alweer een besparing van 9% op uw vennootschapsbelasting en 5% op het tekort op de bezoldiging. En zo zijn er nog wel een aantal situaties te bedenken waarin degressief afschrijven toch voor een leuke extra kan zorgen. We bekijken dat graag samen met u!

Dividendpolitiek wijzigen?


2019-01-29

Nu in de vennootschapsbelasting de zogenaamde 13% grens is weggevallen en uw vennootschap dus niet langer wordt gestraft met het vol tarief vennootschapsbelasting als u meer dan 13% van het kapitaal uitkeert als dividend, is het misschien aangewezen om uw dividendpolitiek eens te herbekijken. Voor de belastingdruk in uw vennootschap hoeft u het niet te laten alvast. Er zijn tal van situaties te bedenken en al of niet uitkeren en de daarmee gepaard gaande gevolgen, is maatwerk, maar we doen toch een greep uit een aantal interessante mogelijkheden. Ten eerste zou u kunnen overwegen om uw belastbaar loon te laten zakken tot het fiscaal minimum van 45.000 euro (of de helft van het overblijvende belastbare resultaat van uw vennootschap) en hetgeen u vroeger meer netto opnam, als dividend uit te keren. Zo bespaart u niet alleen belastingen privé maar dalen ook uw sociale bijdragen omdat uw belastbaar loon daalt. Ten tweede zou u kunnen overwegen om uw liquidatiereserves of beschikbare reserves uit te keren als dividend. Bij een dividenduitkering betaalt de vennootschap normaal 30% roerende voorheffing, behalve als u een dividend uitkeert uit de reeds aangelegde liquidatiereserve (na uitdoen van de wachttijd), dan is er nog maar 5% te betalen (u heeft vroeger al eens 10% betaalt bij aanleg). Ook wanneer u een vennootschap heeft opgericht na 30 juni 2013 kan u voordelig dividenden uitkeren, aan een tarief van 15% roerende voorheffing, onder het zogenaamde VVPR-bis systeem. En zo zijn er nog verdere optimalisaties mogelijk, waarbij we u graag helpen en adviseren.

Minimumbezoldiging in de vennootschap


2019-01-14

Om uw vennootschap het verlaagd tarief te laten genieten, neemt u best de minimale verplichte bezoldiging op als bedrijfsleider. Zo bespaart u in de vennootschap +/- 9% vennootschapsbelasting én de verhoging van 5% op het tekort aan opgenomen bezoldiging. De minimumbezoldiging is sinds het zomerakkoord van 2017 gebracht op 45.000 euro in plaats van de vroegere 36.000 euro. Wat echter ook kan, is een bezoldiging uitkeren die minstens gelijk is aan het overblijvende fiscaal belastbaar resultaat van de vennootschap. En wat velen wel eens durven vergeten: het is niet enkel de periodieke bezoldiging die meetelt, maar ook de voordelen in natura (bedrijfswagen, sociale bijdragen die uw vennootschap voor u betaalt, geherkwalificeerde huur, etc). Voor de correcte berekeningen kan u steeds beroep doen op ons kantoor.

Voordeel alle aard gratis woonst: eindelijk duidelijkheid!


2019-01-10

Er was in de loop van 2018 veel te doen omtrent het voordeel alle aard bij de gratis terbeschikkingstelling van een woning door de vennootschap aan haar bedrijfsleider. De alom gekende formule: geïndexeerd KI x 100/60 x 3,8 stond op losse schroeven omdat ze geen toepassing vond wanneer een natuurlijk persoon de woning ter beschikking stelde. Dit vormde een ongelijke behandeling van eenzelfde handeling en was dus niet rechtsgeldig. Daarop verschenen her en der de nodige speculaties omtrent de toepassing van de formule. Uiteindelijk werd beslist de factor 3,8 te vervangen door 2, en dit vanaf 1 januari 2019. En wat dan met het jaar 2018? Daar zouden wij adviseren om de formule toe te passen zonder de vermenigvuldigingsfactor en aldus het geïndexeerd KI x 100/60 als basis te nemen voor het voordeel alle aard. Indien u hierover vragen heeft of bijkomend advies wenst, bent u steeds van harte welkom op ons kantoor.

UBO register


2018-12-18

Wellicht heeft u al over het UBO register gehoord. Het betreft een centraal register waarin de natuurlijke personen achter de vennootschap dienen te worden geïdentificeerd. Concreet gaat het om aandeelhouders met minstens 25% van de aandelen/stemrechten in de vennootschap. De verplichting om dit kenbaar te maken ligt bij de zaakvoerder/bedrijfsleider. Wij kunnen als kantoor uiteraard ook een handje helpen om deze verplichting voor u te vervullen, mits de nodige volmachten en aanlevering van de nodige gegevens. Op heden is er echter nog geen mogelijkheid om al het nodige te doen gezien het systeem van de overheid nog niet op punt staat. Over de regering van lopende zaken hebben we het dan nog niet, maar die bemoeilijkt een vlotte afhandeling ook enigszins. In elk geval ligt de deadline om de formaliteit in orde te brengen voorlopig op 31 maart 2018. Voor meer informatie kan u steeds bij ons terecht.

Vergoeding voor werknemers die firmawagen in privégarage zetten


2018-11-13

De rulingdienst heeft beslist dat een forfaitaire maandelijkse vergoeding mag worden toegekend aan werknemers die hun firmawagen in hun privégarage zetten. De vergoeding schommelt tussen 12,39 euro en 17,35 euro per maand en ze is voor de werknemer belastingvrij aangezien ze wordt aangemerkt als een zogenaamde kost eigen aan de werkgever. Best is wel dat de werkgever de verplichte stalling ter voorkoming van diefstal, schade, etc. opneemt in zowel het arbeidsreglement als in de carpolicy teneinde wat meer onderbouw te hebben bij eventuele fiscale controles. De vergoeding mag uiteraard enkel worden toegekend indien de wagen hoofdzakelijk voor beroepsdoeleinde wordt gebruikt.

Werken aan een onroerende goed van uw vennootschap: wat met het BTW-tarief?


2018-11-13

Wanneer uw vennootschap werken laat uitvoeren aan een onroerend goed waarvan zij eigenaar is, reist dikwijls de vraag: wat moet er nu inzake BTW op de te ontvangen factuur staan als uw vennootschap BTW-plichtig is? Voor BTW-plichtige vennootschappen geldt een simpel devies: wanneer u het BTW-nummer van uw vennootschap heeft meegedeeld aan de uitreiker van de factuur, moet er verplicht onder het stelsel van medecontractant worden gefactureerd en staat er dus geen BTW vermeld op de factuur. En daarmee is de kous af? Eigenlijk niet want als ontvanger van de factuur dient u de BTW in uw BTW-aangifte op te nemen. Indien het pand volledig beroepsmatig wordt gebruikt, is dit voor de BTW een nuloperatie want u geeft dan 21% BTW aan en trekt ook 21% BTW af. Het is echter anders wanneer het pand niet volledig beroepsmatig wordt gebruikt. Stel dat u de woning van uw vennootschap privé betrekt en er slechts beroepsmatig gebruik wordt gemaakt van een bureau in de woning. Dan moet u in uw aangifte d

Buitenlands BTW-nummer van uw klant nakijken


2018-10-22

Indien u regelmatig intracommunautaire verkopen doet, is het wenselijk het BTW-nummer dat u van uw klant krijgt, na te gaan op geldigheid of zelfs het bestaan ervan te controleren. U kan het nummer nakijken op http://ec.europa.eu/taxation_customs/vies/?locale=nl. Belangrijk? Ja toch wel want u dient de EU-klanten waaraan u factureert elke maand of elk kwartaal op te nemen op een zogenaamde intracommunautaire listing. Is het BTW-nummer dat op de listing wordt vermeld foutief, dan kan u een boete worden opgelegd van 50 euro tot 1.200 euro. Voor de volledigheid: u kan ook de Belgische BTW-nummers van uw klanten nagaan op https://kbopub.economie.fgov.be via de public search en dit kan op naam, ondernemingsnummer en zelfs op adres. Het nagaan van de BTW-nummers van uw klant is belangrijk omdat u ook op uw opgemaakte factuur het juiste nummer dient te vermelden om een geldige factuur te hebben.

Pensioensparen: verhogen of niet?


2018-10-08

Sinds 2018 kan u kiezen om het pensioensparen via de bank of via uw verzekeraar op te trekken van 960 euro per jaar naar 1.230 euro per jaar. Waarschijnlijk heeft u ondertussen hieromtrent een vraag gekregen van uw bankier of verzekeraar maar wat is de goede beslissing? In het oude systeem van 960 euro per jaar heeft u een belastingbesparing van 30% of 288 euro. In het nieuwe systeem van 1.230 euro bedraagt de belastingvermindering 25% of 307,50 euro. Als we beide dan gaan vergelijken, levert een bijkomende storting van 270 euro (1.230 - 960) u een belastingbesparing op van....19,50 euro (of 7,22%). Maar als u 60 jaar wordt, bedraagt de eindbelasting 8%, wat meer is dan uw belastingbesparing van 7,22%. Vanuit fiscaal oogpunt is het enkel interessant om 1.230 euro te storten tussen de leeftijd van 60 en 65 jaar. Vanuit niet-fiscaal oogpunt kan 1.230 euro verdedigbaar zijn afhankelijk van uw product waarin u spaart om een hoger eindkapitaal op te bouwen.

Meer dagvergoeding vanaf 01.10.2018


2018-09-24

Bent u regelmatig op de baan voor klantenbezoeken (of in het geval van aannemers voor werfbezoeken) of andere beroepsmatige verplaatsingen, dan mag u zichzelf daarvoor een forfaitaire dagvergoeding toekennen die bij u privé onbelast is en voor de vennootschap 100% aftrekbaar is. U hoeft de verplaatsingen niet aan te tonen met tickets of bonnetjes maar moet wel kunnen aantonen dat u ze heeft gedaan én dat de verplaatsing beroepsmatig is. Vanaf 01.10.2018 is het dagtarief van de vergoeding opgetrokken naar 17,06 euro per dag. Uiteraard zijn er een aantal beperkingen: 1. 40-dagen regel: indien u per jaar meer dan 40 dagen bij eenzelfde klant zit, kan u daarvoor geen dagvergoeding toekennen omdat de fiscus dit als een zogenaamde vaste plaats van tewerkstelling aanziet. 2. U bent minstens zes uur weg. Dit omvat verplaatsingstijd, middagpauze en tijd bij uw klant. 3. Maandelijks mag u slechts voor 16 dagen een dagvergoeding toekennen. Vragen over de dagvergoedingen en hoe ze toe te

Nieuwe lijst buitenlandse dagvergoedingen


2018-08-28

Wie opdrachten in het buitenland uitvoert, heeft recht op de zogenaamde forfaitaire dagvergoeding die de wetgever heeft vastgelegd in de bekende tabellen. Let wel dat er een verschil is tussen een verblijfsduur (niet aaneengeschakeld maar op jaarbasis) tot 30 dagen (tabel categorie 1 te gebruiken) en meer dan 30 dagen (tabel categorie 2 te gebruiken). Voor de dag van vertrek en terugkomst mag een halve dagvergoeding worden gerekend. Indien u dezelfde dag vertrekt en terugkomt, dient u minstens 10 uur zijn weggeweest, anders mag u geen vergoeding toekennen. Niet alle kosten zitten vervat in het kostenforfait! Zo zijn de verplaatsingskosten vanuit en naar België en de verblijfskosten (hotel, B&B, etc) nog extra aftrekbaar indien u hiervoor de nodige bewijsstukken voorlegt. Deze kosten kan uw vennootschap u dus alzo terugbetalen. Voor de nieuwe lijst, deze begint op pagina 28 van de publicatie in het Belgisch Staatsblad: http://www.ejustice.just.fgov.be/mopdf/2018/07/06_1.pdf#Page=2

Voordeel alle aard gratis woonst; alweer een wijziging


2018-08-28

Na onze post van juni 2018 omtrent het verlagen van het voordeel alle aard gratis woonst, waardoor het voordeel vier maal (!) lager zou uitvallen, heeft de regering alweer in een wijziging voorzien. De formule zal nu voor iedereen als volgt dienen te worden toegepast: Geïndexeerd KI x 100/60 x 2 (en verhoogd met 2/3 indien het gemeubelde terbeschikkingstelling betreft). De wetswijziging is nog niet verschenen in het Belgisch Staatsblad dus de datum wanneer deze wijziging ingang zal vinden ligt nog niet vast. Algemeen wordt wel aangenomen dat dit vanaf 01/01/2018 zal zijn. Wel dient daarvoor de wetswijziging voor einde van dit jaar worden gepubliceerd. We houden u op de hoogte! Voor vragen omtrent de toepassing van het voordeel alle aard gratis woonst kan u ons steeds contacteren!

Zorg zelf voor uw (aanvullend) pensioen


2018-08-19

Iedere zelfstandige weet het normaal: het wettelijk pensioen dat hij of zij als zelfstandige zal krijgen, is een peulschil. Daarom kan u best zelf zorgen voor een aanvullende pensioenopbouw. Allereerst raden we aan om het VAPZ (Vrij Aanvullend Pensioen Zelfstandigen) maximaal te benutten aangezien dit fiscaal het meest interessante is. De premies die worden gestort, kunnen in de personenbelasting worden afgetrokken als beroepskost, zowel voor bedrijfsleiders als voor eenmanszaken. Daarnaast is er ook het klassieke pensioensparen via de bank of een verzekeringsinstelling (de zogenaamde 940 euro per jaar) die ook kan worden ingebracht in de personenbelasting. U laat zo de staat uw extra legaal pensioen mee financieren. Tenslotte is er nog een klassieker om een extra legaal pensioen op te bouwen in de vorm van de IPT (voor bedrijfsleiders) of het POZ (voor eenmanszaken). Met een IPT laat de bedrijfsleider de vennootschap een extra legaal pensioen opbouwen dat hij bij pensionering privé k

Rekening-courant of geldlening nog nuttig?


2018-08-19

Bedrijfsleiders die hun vennootschap geld lenen, hebben een zogenaamde vordering in rekening-courant of een geldlening ten opzichte van hun vennootschap. Tot zover is er geen vuiltje aan de lucht. Het verandert echter wanneer op de uitstaande vordering intresten worden gevraagd. Deze intresten zijn voor de vennootschap slechts aftrekbaar binnen bepaalde grenzen (marktconform intrestpercentage en hoogte van de voorschotten). De fiscus hanteert recent echter nog een ander criterium om de aftrekbaarheid te gaan beoordelen. Zo gaat zij bekijken of de vennootschap nog baat heeft bij de geldlening of de rekening-courant. We verduidelijken met een voorbeeld: stel dat de vennootschap een schuld heeft aan haar bedrijfsleider van 100.000 euro, waarop intresten worden gerekend, en op haar bankrekening staat 500.000 euro. Dan kan de fiscus het nut van die schuld aan de bedrijfsleider in vraag stellen omdat de vennootschap deze perfect kan terugbetalen. Voor de bedrijfsleider is zijn/haar beleggi

Aannemers opgelet!


2018-08-18

Alle aannemers zijn ermee vertrouwd, of zouden het toch moeten zijn: het 6% BTW-tarief. Stel dat een klant ten onrechte heeft verklaard dat hij/zij voldoet aan alle voorwaarden voor het 6% BTW-tarief en later blijkt dat dit toch 21% had moeten zijn, wie betaalt dan het verschil? In zulke gevallen komt men terecht bij de uitreiker van de factuur, zijnde de aannemer. Maar niet getreurd, u kan dit uiteraard doorrekenen aan uw klant. Wel dient u dan de helft van de boete en de intresten te dragen als u redelijkerwijze hoorde te weten dat het door de klant ingevulde attest onjuist was.

Sociaal verzekeringsfonds: allemaal gelijk?


2018-08-18

Wie als zelfstandige aan de slag gaat (hoofd-, bijberoep, bedrijfsleider), dient zich aan te sluiten bij een sociaal verzekeringsfonds. Welk fonds u kiest, daar bent u vrij in maar er zijn wel degelijk verschillen! Zo mogen de verschillende fondsen zogenaamde beheerskosten aanrekenen die samen met uw sociale bijdragen worden geïnd. Deze beheerskosten durven nog weleens te verschillen van fonds tot fonds. De goedkoopste fondsen zijn Xerius en Acerta met 3,05% beheerskosten, waar de duurste fondsen aan beheerskosten komen van 4,25%! Wil u advies over welk fonds u het beste kiest - niet enkel de kostprijs is belangrijk maar ook de geleverde service - kan u steeds bij ons terecht voor een duidelijke uitleg.

Lager voordeel in natura gratis woonst!


2018-06-04

Na veel uitspraken voor verschillende rechtbanken heeft de fiscus zich neergelegd bij een verlaging van het voordeel in natura voor het gratis gebruik van een woonst van de vennootschap door haar bedrijfsleider. Diverse arresten vonden de toegepaste formule ongrondwettelijk omdat hetzelfde voorwerp op verschillende manieren werd berekend afhankelijk van de verstrekker van het voordeel (natuurlijk of rechtspersoon). Gevolg van de toegeving van de fiscus is dat in de toe te passen formule geen multiplicator 1,25 of 3,8 meer moet worden toegepast en dat in de extreme gevallen het voordeel dus bijna 4 maal kleiner of gunstiger wordt. Vragen over dit thema? U kan voor meer uitleg op ons kantoor terecht!

Meerwaarden op aandelen zwaarder belast


2018-02-14

Als u via uw vennootschap heeft belegd in aandelen, zullen de opbrengsten uit die aandelen zwaarder worden belast. Tot voor kort was de opbrengst slechts voor 5% belastbaar in de vennootschap maar doordat de wetgever heeft bepaald dat ook de participatievoorwaarde (participatie van 2.5 miljoen euro of 10%) moet voldaan zijn, zullen weinigen nog aan alle voorwaarden voldoen. De oplossing is uw vennootschap te laten beleggen in zogenaamde DBI-beveks. Deze komen wel nog in aanmerking voor quasi volledige vrijstelling van vennootschapsbelasting. Vraag ernaar bij uw bank!

Voorafbetaling vennootschappen 2018


2018-01-15

Behoudens voor vennootschappen die in hun eerste drie boekjaren vanaf oprichting zitten, wordt vooraf betalen een must om boetes te vermijden. Het tarief voor vermeerdering van de vennootschapsbelasting stijgt immers van 2,25% naar 6,75% in 2018. Bovendien wordt elke boete/verhoging wegens onvoldoende voorafbetaling nu ook effectief aangerekend! De data en percentages zijn als volgt: 10.04.2018 => 9% 10.07.2018 => 7,5% 10.10.2018 => 6% 20.12.2018 => 4,5% Wenst u advies omtrent de voordelen die u kan doen met een voorafbetaling, kan u ons steeds contacteren.

Afschaffing maximaal op te nemen dividend


2018-01-15

Voor de verlaagde tarieven in de vennootschapsbelasting moesten de vennootschappen voldoen aan een aantal voorwaarden. Tot eind 2017 waren deze voorwaarden: - Minimaal 50% van de aandelen van de vennootschap moeten in handen zijn van natuurlijke personen - De vennootschap houdt voor maximaal 50% van haar eigen vermogen aandelen in andere vennootschappen aan - Minimum bezoldiging aan één van de zaakvoerders/bestuurders van 36.000 euro of gelijk aan de overblijvende belastbare winst - Maximale dividenduitkering van 13% van het gestort kapitaal. Naast de tariefverlaging voor vennootschappen met boekjaar vanaf 01.01.2018 naar 20,4% (voor kleine vennootschappen), werden de hieraan gekoppelde voorwaarden gewijzigd. De vennootschap die van het verlaagd tarief wil genieten moet klein zijn in de zin van het Wetboek van Vennootschappen (balanstotaal minder dan 4.5 miljoen euro, omzet minder dan 9 miljoen euro en gemiddeld personeelsbestand minder dan 50). Daarnaast blijvend de eerste drie

Wijziging voordelen in natura


2017-11-22

De regelgeving hierover was sterk verouderd. Zo werd er bijvoorbeeld nog geen rekening gehouden met laptops en tablets en was het onduidelijk hoe men smartphones moest beoordelen omdat die toestellen zowel een voordeel via het toestel als via het internet vertegenwoordigen. Bovendien hanteerden de RSZ en de FOD Financiën niet steeds dezelfde bedragen. Vanaf 1 januari 2018 wordt het huidige stelsel gemoderniseerd op 2 manieren: - de bedragen worden aangepast aan de huidige waarde van een gratis terbeschikkingstelling; - de forfaits zullen voortaan gelijk zijn voor de RSZ en de FOD Financiën De voordelen in natura voor gebruik van GSM, PC en internet worden vanaf 2018 gewijzigd als volgt: - Kosteloze terbeschikkingstelling van laptop of desktop => 72€/jaar - Kosteloze terbeschikkingstelling van GSM of tablet => 36€/jaar - Kosteloze terbeschikkingstelling internetaansluiting => 60€/jaar - Kosteloze terbeschikkingstelling telefoonabonnement => 48€/jaar

Airbnb, hoe zit dat met de inkomsten?


2017-07-01

Globaal genomen zijn er twee mogelijkheden voor inkomsten uit het verhuren via Airbnb: ofwel is de verhuur een beroepsactiviteit en worden de inkomsten belast als baten, ofwel is de huur occasioneel en worden de inkomsten belast als onroerend, roerend en divers inkomen. Occasionele verhuur wordt complex belast... Als de verhuurder een globale prijs vraagt, wordt 20% geacht voor bijkomende diensten te zijn, welke als divers inkomen wordt belast. 80% van de huurprijs is dan voor huur van de kamer, waarbij 60% als onroerend inkomen wordt belast en 40% als roerend inkomen. Van dit roerend inkomen mag dan nog 50% worden afgetrokken als forfaitaire kosten, waarna het resultaat wordt belast aan 30% + gemeentebelasting. Het onroerende gedeelte wordt belast op het geïndexeerd KI verhoogd met 40% en onderworpen aan het progressief tarief. Opgelet: indien Airbnb geen erkenning vraagt, vallen de inkomsten niet onder de deeleconomie en mag de opsplitsing 20/80 niet worden gebruikt. In werkelijkh

Geld lenen aan de vennootschap


2017-06-06

Stel dat u in uw vennootschap voor een investering staat en de vennootschap daarvoor middelen nodig heeft. U heeft privé het geld. Wat doet u best: langs de bank gaan of zelf geld lenen aan uw eigen vennootschap? Bij de bank betaalt de vennootschap gauw meer dan 3% intrest. Kan het niet anders? Ja zeker! U leent zelf het geld aan de vennootschap en strijkt privé de intrest op. Deze ontvangen intrest dient u niet aan te geven in uw personenbelasting en zij beïnvloeden de hoogte van uw sociale bijdragen niet. Een goede deal dus. Let wel, de vennootschap dient de roerende voorheffing ten bedrage van 30% op de intrest doorstorten aan de staat, waarna u netto de intrest ontvangt. Vraagt u dus 5% aan uw vennootschap, dan heeft u een rendement op uw spaargeld van 3,5%. Heel wat meer dan op die spaarrekening waarop het geld nu staat. De vennootschap kan de bruto intresten als kost aftrekken, wat u in uw vennootschap dus ook nog wat belastingbesparing oplevert. Twee grenzen zijn in de gate

Kwartaalvoorschotten BTW afgeschaft


2017-03-15

Vanaf 1 april 2017 bent u als kwartaalaangever vor de BTW geen kwartaalvoorschotten meer verschuldigd. Dit betekent uiteraard niet dat u minder BTW betaalt. De berekening van het verschuldigd bedrag blijft immers hetzelfde. U hoeft enkel geen voorschotten meer te betalen de 2e en 3e maand van het kwartaal. U krijgt dus ook geen intresten meer aangerekend bij niet betalen van de kwartaalvoorschotten. In ruil voor de afschaffing van de kwartaalvoorschotten dient er wel een zogenaamd decembervoorschot te worden gestort per 20 december van elk jaar. Dit voorschot bedraagt ofwel het saldo van de aangifte over kwartaal 3 ofwel de verschuldigde BTW van kwartaal vier berekend tot op 20 december.

Vooraf betalen wordt weer interessanter in 2017


2017-01-01

Tenzij u in de eerste drie boekjaren na oprichting zit en onder het verlaagd opklimmend tarief van de vennootschapsbelasting valt, wordt u beboet indien u niet of onvoldoende zou vooraf betalen. De afgelopen jaren was vooraf betalen niet interessant aangezien de boetepercentages zeer laag lagen. Voor 2017 is het percentage echter terug gestegen naar 2,25%, wat vooraf betalen weer interessanter maakt. Voorafbetalingen moeten worden gedaan op het rekeningnummer BE20 6792 0023 3056 ten gunste van het Inningscentrum Voorafbetalingen voor de vennootschappen.

EINDE VAN DE BERICHTEN


0000-00-00



Meer berichten laden

CONTACTGEGEVENS

0497 59 70 03

Antwerpsesteenweg 100A
2550 Kontich
BELGIE
info@actafim.be

Vul vrijblijvend ons contactformulier in.

logo iec iab logo iab